Wie door Princenhage wandelt, komt regelmatig straatnamen tegen met een verhaal. In deze serie duiken we in de herkomst van straatnamen in Princenhage en ontdekken we welke geschiedenis er achter deze namen schuilgaat.
Deze keer staat de Laarzenmakerstraat centraal. Deze naam werd op 7 augustus 1974 door B&W vastgesteld.
De naam Laarzenmakerstraat verwijst naar een ambacht dat vroeger van groot belang was: het maken van laarzen en stevig schoeisel. Laarzenmakers waren gespecialiseerd in het vervaardigen van schoeisel voor boeren, soldaten en later ook voor de meer welgestelde burgerij. Andes dan de gewone schoenmaker, die vaak reparatiewerk deed of lichte schoenen maakte, richtte de laarzenmaker zich op het zwaardere werk: hoog schoeisel van leer, vaak verstevigd en geschikt om te dragen bij arbeid of militaire dienst.
De Laarzenmakerstraat maakt deel uit van de ‘Ambachtenbuurt’, waarin meerdere straten naar (veelal oude) ambachten zijn genoemd die vroeger een belangrijk onderdeel van de samenleving waren. In de 18de en 19de eeuw waren laarzenmakers vaklieden die handmatig hun producten maakten.
Leerindustrie in Brabant
In Brabant bestond lange tijd een levendige schoen- en leerbewerkingsindustrie. Rond Waalwijk en in dorpen als Dongen en Loon op Zand ontstond zelfs een hele leer- en schoenenindustrie. Ook in Breda en omgeving waren ambachtslieden actief die zich bezig hielden met laarzen maken, veelal in kleine werkplaatsen of als thuisnijverheid. Met de opkomst van de industrie in de 19de eeuw verdween de laarzenmaker langzaam als zelfstandig beroep, maar de naam leeft voort in dit straatnamenbord.
Weetje…. Vaak sobere, maar oersterke
Wist u dat laarzen in de 19de eeuw niet alleen voor soldaten en boeren waren, maar ook als statussymbool dienden? Voor heren waren er rijk versierde rijlaarzen, terwijl werklieden vaak sobere, maar oersterke laarzen droegen?

